|
Kies dan heden wie gij dienen zult. Maar ik en mijn huis, wij zullen de Here dienen. Jozua 24:15 |
|
De grondslag van geloof |
|
God eist niet dat wij iets geloven, zonder een voldoende grondslag waarop ons geloof rusten kan. Evenwel heeft Hij de mogelijkheid om te twijfelen niet weggelaten. 2 Timoteüs 3:16; 2 Petrus 1:20,21. Kennis omtrent het Woord van God is het fundament van geloof. Het Woord van God is de grondslag van het geloof. Psalm 110:11; Job 28:28; Spreuken 9:10. Vrees is: eerbied en ontzag hebben voor de Heer. Gods Woord is waarheid. Johannes 17:17. Gods Woord maakt de mens verstandelijk. Psalm 119:130. Gods Woord beschermt de mens tegen zonde. Psalm 119:11. Gods Woord is levend en krachtig. Hebreeën 4:12. “Het geloof nu is de zekerheid der dingen, die men hoopt, en het bewijs der dingen, die men niet ziet”. Hebreeën 11:1. We moeten onderscheid kunnen maken tussen het Woord van God en het woord van mensen. 1 Thessalonicenzen 2:13. Geloven is niet instemmen of toegeven aan de waarheid. Het Woord van God moet de basis zijn van het geloof. “Want al wat niet uit geloof is, is zonde”. Romeinen 14:23. “Zonder geloof is het onmogelijk Hem te behagen”. Hebreeën 11:6. Waarom is het onmogelijk God zonder geloof te behagen? In Gods Woord gaat het om God. Gods Woord is Gods stem die tot ons spreekt. Om Gods stem te verstaan moeten wij Zijn Woord geloven. Het duidelijkst spreekt God over Zichzelf in Jezus. Jezus is de door God gezonden Leraar en Hij wil het verstand openen zodat de mens Gods Woord kan verstaan. Lucas 24:45,46. Als wij van harte verlangen om een helder verstand om de duidelijke waarheden van de bijbel te begrijpen moeten wij de eenvoud en het geloof van een kind bezitten. Matteüs 18:2-4. Luisteren en gehoorzamen vinden vele mensen als een goddelijke dwam en onaanvaardbaar. Maar God verwacht onvoorwaardelijke gehoorzaamheid des geloofs. De Here Jezus is hierin ons tot voorbeeld geweest. Hebreeën 5:8,9; Johannes 8:29. Luisteren en gehoorzamen zijn voor kinderen zegt men. Men vindt het vernederend zich als een kind te onderwerpen voor God. Maar Jezus zegt als wij waarlijk in Hem geloven dan worden wij Zijn kinderen. 1 Johannes 3:1. Dezulken zijn de grootste in Gods Koninkrijk zegt Jezus. Matteüs 18:4. Zolang onze eigen wil het voor het zeggen heeft is gehoorzaamheid aan Gods Woord iets onmogelijks. Het ondergeschikt maken van de “wil” aan God is een zware strijd die de mens moet doen om te overwinnen. Uit ons zelf zijn wij niet instaat maar als u gewillig bent om Gods Woord te gehoorzamen wil Jezus u hiermee helpen. Matteüs 11:28-30. Het is Gods grootste verlangen dat alle mensen tot de kennis der waarheid komen. 1 Timoteüs 2:3,4. God heeft de mens zo gemaakt dat de mens kan beslissen. Hij kan kiezen hoe hij zijn leven wil leiden. De mens is volkomen vrij zijn eigen keuze te nemen. De mens heeft de vrijheid te geloven of niet. Ieder mens heeft het recht om zijn eigen bestemming te kiezen, eeuwig leven of de eeuwige dood. Wij moeten voor onszelf een besluit nemen of wij gered willen worden of niet. Alleen zij wiens namen in het Boek de levens staan geschreven hebben een verstandige keus gemaakt. Zij wiens namen geschreven staan in het Boek des levens van het Lam. Maleachi 3:16; Openbaring 13:8. Onze eeuwige bestemming ligt in de doorboorde handen van Jezus. Wij hebben de garantie, dat Hij die in ons een goed werk is begonnen dit ten einde toe zal voortzetten, tot de dag van Jezus Christus. Filippenzen 1:6. |
