|
Kies dan heden wie gij dienen zult. Maar ik en mijn huis, wij zullen de Here dienen. Jozua 24:15 |
|
Het heilig Avondmaal |
|
Leerstellingen zijn belangrijk omdat zij de gelovigen verzekeren van Gods trouw aan Zijn beloften. Daardoor wordt hun geloof in Hem versterkt. Leerstellingen hebben geen verlossende kracht in zichzelf. Leerstellingen zijn alleen verlossend wanneer de gelovige geloof beoefend in het woord van God. De instelling van het Avondmaal werd gegeven om de gelovigen te herinneren aan de grote verlossing die het gevolg is van de dood van Christus. De heilige instelling, het bedienen van brood en wijn, is om een uitdrukking te geven aan een verbondsrelatie met onze Here Jezus. Tijdens de dienst van het Avondmaal is de Heilige Geest aanwezig om de dienst te maken tot een zelfonderzoek, tot overtuiging van zonden en tevens te verzekeren dat de zonden zijn vergeven. Genesis 3:15. Adam en Eva kregen van God de verzekering dat, ondanks hun grote zonde, zij niet waren overgelaten aan de macht van satan. Christus had Zich aangeboden als het Lam Gods om verzoening tot stand te brengen. Toen Adam het eerste lam doodde, beefde hij bij de gedachte dat het zijn zonde was dat het leven van Christus, het Lam Gods, zou kosten. Voor de eerste keer zag hij de dood, en hij besefte dat wanneer hij God gehoorzaam was geweest er nooit een mens of dier zou zijn gestorven. Het offerlam ontmoete zijn tegenbeeld in de dood van Christus. Het Avondmaal is een afbeelding van het leven van Christus, Zijn kruisdod, Zijn opstanding, Zijn hemelvaart, Zijn hogepriesterlijk werk en Zijn wederkomst. Johannes de Doper presenteerde Hem als het Lam Gods dat de zonden der wereld wegneemt Johannes 1:29,36. Maar Christus presenteerde Zich als het Levend Brood dat uit de hemel nedergedaald is. Johannes 6:35, 51-54. Het brood symboliseert Christus als het Brood des Levens. Door het deelnemen aan het Avondmaal ontvangen we Christus door Zijn woord, zodat het woord Gods ons verstand opend om de waarheden in ons hart te doen doordringen. Alzo eten wij Zijn vlees en drinken wij Zijn bloed. Tenzij wij het Brood des Levens in ons opnemen, hebben wij geen leven in onszelf. Dit is het inhoudelijke van het Avondmaal. Christus is het Brood des Levens en tevens het Woord van God. Indien iemand dit Brood eet zal hij eeuwig leven. Wanneer wij werkelijk gedoopt zijn, zijn wij gedoopt in de naam van de Vader, Zoon en Heilige Geest. Dan voldoet onze begrafenis in het water door de doop aan de begrafenis van Christus. Indien wij werkelijk gedoopt zijn, dan voldoet onze opstanding uit het water aan de opstanding van Jezus Christus. “Wij zijn dan met Hem begraven door de doop in de dood, opdat, gelijk Christus uit de doden opgewekt is door de majesteit des Vaders, zo ook wij in nieuwheid des levens zouden wandelen. Want indien wij samengegroeid zijn met hetgeen gelijk is aan zijn dood, zullen wij het ook zijn (met hetgeen gelijk is) aan zijn opstanding; dit weten wij immers, dat onze oude mens medegekruisigd is, opdat aan het lichaam der zonde zijn kracht zou ontnomen worden en wij niet langer slaven der zonde zouden zijn.” Romeinen 6:4-6. Wij zijn opnieuw geboren uit water en Geest. Geboren tot een levende hoop door de opstanding van Christus uit de doden. De wedergeboorte is de voorwaarde voor de opneming in het huisgezin van God. De doop is een aanvaardingsceremonie. De voetwassing tijdens het Avondmaal symboliseert een voortdurende reinining van de gelovigen. Christus was gekomen om het hart van zonden te reinigen. Toen Petrus Jezus weigerde om zijn voeten te wassen, weigerde hij in feite het reinigen van zijn bezoedeld hart. Maar Jezus zei:”indien Ik u niet de voeten was hebt gij geen deel aan Mij”. Door te weigeren dat Jezus zijn voeten waste, weigerde Petrus de hogere reiniging die in de lagere besloten lag. In de heiligdomsdienst moesten de priesters hun handen en voeten wassen voordat zij hun dienst beginnen. Nalatigheid betekende de dood, omdat zij de geestelijke betekenis van de heilige dienst verontachtzaamden Exodus 30:21. Markus 14:22-24; 1 Korintiërs 11:23-27. (Vers 25) “Evenzo ook de beker, nadat de maaltijd afgelopen was, en Hij zeide: Deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed, doet dit, zo dikwijls gij die drinkt, tot mijn gedachtenis.” Hetgeen God niet kon bereiken met het volk van Israël door het offeren van bokken, stieren en lammeren, bereikt Hij door het offer van Christus. Hebreeën 10:4-8 (vers 5) “Daarom zegt Hij bij Zijn komst in de wereld: Slachtoffer en offergave hebt Gij niet gewild, maar Gij hebt mij een lichaam bereid.” Wat betreft Christus is Hij heel duidelijk in Zijn woorden. Hij kwam om de wil Gods te doen en Hij deed de wil van God. ‘Niet Mijn wil, maar Uw wil geschiedde’ was Zijn gebed in Getsemane. Hij brengt de wil van God tot stand in het vlees, het lichaam wat God bereid had. “Wie zegt dat hij in Hem blijft, behoort ook zelf zo te wandelen, als Hij gewandeld heeft.” 1 Johannes 2:6. Door te verwijzen naar Zijn bloed maakte Christus duidelijk dat het nieuwe verbond slechts door Zijn bloed bekrachtigd kan worden. Jezus heeft dit verbond bekrachtigd op Golgotha. Hij bekrachtigde Gods belofte ten koste van Zichzelf en schenkt die belofte zonder voorbehoud aan iedereen die Zijn offer aanvaardt. Het nieuwe verbond is het evangelie in een notedop, Hebreeën 8:8-12; Jeremia 31:33,34. Daarom besloot God Zijn verbond, Zijn wet in de harten te schrijven. Een evangelie zonder wet, is een evangelie oznder zaligheid. De wet en het evangelie kunnen niet gescheiden worden. De wet wijst op Jezus en Jezus wijst op de wet. Psalm 40:7-9; Johannes 15:10; Matteüs 5:17-19. Het evangelie roept de mensen op tot bekering. Waarom? Omdat zij zondaars zijn. We hebben allen gezondigd. En wat is zonde? Het is het overtreden van Gods wet 1 Johannes 3:4. De bedoeling van het nieuwe verbond is om de mens te redden van de veroordeling van de wet, Romeinen 8:1-4. Daarom kunnen wij met de zekerheid deelnemen aan het Avondmaal dat onze zonden vergeven zijn. Het bloed van Jezus Christus reinigt van alle zonden. |
