|
Kies dan heden wie gij dienen zult. Maar ik en mijn huis, wij zullen de Here dienen. Jozua 24:15 |
|
Profetieën |
|
“Openbaring van Jezus Christus, welke God Hem gegeven heeft om zijn dienstknechten te tonen hetgeen weldra moet geschieden, en welke Hij door de zending van zijn engel aan zijn dienstknecht Johannes heeft te kennen gegeven. Deze heeft van het woord Gods getuigd en van het getuigenis van Jezus Christus, alles wat hij gezien heeft. Zalig hij, die voorleest, en zij, die horen de woorden der profetie, en bewaren, hetgeen daarin geschreven staat, want de tijd is nabij”. Openbaring 1:1-3
“Thans reeds zeg Ik het u, eer het geschied, opdat gij, wanneer het geschiedt, gelooft, dat Ik het ben”. Johannes 13:19 “En nu heb Ikhet u gezegd, eer het geschiedt, opdat gij geloven moogt, wanneer het geschiedt”. Johannes 14:29
Deze woorden van Jezus kunnen met kracht toegepast worden op de boeken Daniël en Openbaring. Als geen andere boeken in de Heilige Schrift laten zij ons zien dat God de eeuwen overziet en een uitspraak doet over de hoofdlijnen in de geschiedenis. De boeken van Daniël en de Openbaring vertellen ons over de loop van de geschiedenis “hoe het vroeger was, opdat wij het overdenken en kennis nemen van de afloop”. Zij geven “te kennen wat in de toekomst wezen zal”. |
|
Daniël · Hoofdstuk 1 · Hoofdstuk 3 · Hoofdstuk 4 · Hoofdstuk 5 · Hoofdstuk 6 · Hoofdstuk 8 · Hoofdstuk 9 · Hoofdstuk 10 · Hoofdstuk 11 · Hoofdstuk 12 |
|
Openbaring · Hoofdstuk 1 · Hoofdstuk 2 · Hoofdstuk 3 · Hoofdstuk 4 · Hoofdstuk 5 · Hoofdstuk 6 · Hoofdstuk 7 · Hoofdstuk 8 · Hoofdstuk 9 · Hoofdstuk 12 · Hoofdstuk 13 · Hoofdstuk 14 · Hoofdstuk 15 · Hoofdstuk 16 · Hoofdstuk 17 · Hoofdstuk 18 · Hoofdstuk 19 · Hoofdstuk 20 · Hoofdstuk 21 · Hoofdstuk 22 |